Raketinslag oefenscenario voor Calamiteitenhospitaal

Het Calamiteitenhospitaal oefende met een realistisch raketscenario om de samenwerking tussen civiele en militaire zorgverleners in crisissituaties te versterken.
De deelnemers van het civiel-militaire congres “De jeugd heeft de toekomst” hebben geen idee wat hen is overkomen. Wie niet bewusteloos is, hoort in eerste instantie alleen nog een oorverdovende piep en ziet alleen nog maar stof en gruis. In de verte zijn vlammen te zien. Tussen en onder het puin liggen mensen. Er is zojuist een raket ingeslagen. Het is het scenario van de jaarlijkse oefening van het Calamiteitenhospitaal.
Een raketinslag? In Nederland? Moet de zorg in Nederland zich werkelijk daar op voorbereiden? Ja, zegt voorzitter van de raad van bestuur van het UMC Utrecht Carina Hilders. “Gezien de gespannen situatie in de wereld houden we in de voorbereiding op de opvang van slachtoffers met alle scenario’s rekening.” Op 1 november stond de jaaroefening in het Calamiteitenhospitaal dan ook in het teken van een gewapend internationaal conflict. “Laten we hopen dat het nooit zo ver komt. Maar als het moet, staan wij hier klaar voor de opvang van de gewonden. Civiel en militair.”
Calamiteitenhospitaal is operationeel binnen dertig minuten
Het Calamiteitenhospitaal is een bijzonder ziekenhuis. Het is een samenwerking van het Ministerie van Defensie, het UMC Utrecht en het Ministerie van VWS. Het Calamiteitenhospitaal moet altijd in dertig minuten operationeel zijn en grote aantallen slachtoffers kunnen opvangen. Daarbij ondersteunen vrijwilligers van het Rode Kruis. Daarom is er ieder jaar een grote oefening, waarbij tientallen slachtofferacteurs naar het Calamiteitenhospitaal worden afgevoerd.
Rik Bergman, commandant van het Centraal Militair Hospitaal: “Weerbare zorg vraagt om meer dan goed materiaal en bekwame professionals. Het vraagt om een hechte samenwerking tussen civiele en militaire zorgorganisaties, waarin we elkaar blind weten te vinden als het erop aankomt. Het Calamiteitenhospitaal is weerbare zorg in de praktijk. Maar paraatheid vraagt onderhoud — daarom oefenen we, vandaag en morgen.”
De jaaroefening werd onder meer bezocht door minister van VWS Jan Anthonie Bruijn en de Utrechtse burgemeester Sharon Dijksma. “Ik vond het indrukwekkend om te zien hoe iedereen op elkaar is ingespeeld en hoe soepel de opvang van gewonden verloopt,” zegt Dijksma. “Een geruststellend gevoel als inwoner van Nederland. Als burgemeester van Utrecht ben ik er trots op dat we in crisissituaties weerbaar zijn en snel zorg kunnen bieden.”
De slachtofferacteurs krijgen allemaal een eigen scenario mee, van lichtgewond tot levensbedreigend. Ook zijn er patiënten met een al bestaande aandoening, zoals doofheid, sikkelcelziekte of die een seksueel traumatische ervaring hebben gehad. Het is aan de zorgverleners om alles te achterhalen en te midden van de voortdurende stroom van patiënten ieder individu de juiste zorg te geven.
Voor trauma-arts Dominique Buck was het de eerste keer dat ze de medische eindverantwoordelijkheid had tijdens de jaaroefening. “Als trauma-arts heb ik al vele oefeningen meegemaakt, en het is altijd weer leerzaam. In deze oefening zag ik nog eens hoe goed de civiel-militaire samenwerking kan zijn en hoeveel we aan elkaar kunnen hebben.”
Niet alleen zorgpersoneel oefent, maar hele crisisorganisatie
De oefening is niet alleen voor het zorgpersoneel, de hele crisisorganisatie van het UMC Utrecht traint mee. Zo was er ook een volledig team van maatschappelijk werkers, klinisch psychologen en vrijwilligers van het Rode Kruis actief voor de verwantenopvang. Ook oefende het Facilitair Bedrijf het opschalen van onder meer de beveiliging en de telefooncentrale en was ook de afdeling Marketing en Communicatie actief. Saillant detail: vanwege het advies om het drinkwater te koken, was de crisisorganisatie parallel ook echt in functie.
Feiten en cijfers
In totaal deden er 169 slachtofferacteurs mee, waarvan een deel meerdere keren als patiënt werd opgevoerd. Ook deed een deel mee als verwant van een slachtoffer. Van het UMC Utrecht oefenden ongeveer 300 collega’s, vanuit defensie 11 zorgverleners, 35 studenten van het Defensity College en 56 medewerkers van het Rode Kruis. Om de oefening goed te laten verlopen deed daarnaast een team van zo’n 56 observanten, souffleurs en tegenspelers mee.

Interview: Thomas Hoogeboom over de toekomst van Mobility & Health
Hoe zorgen we ervoor dat mensen gezond en actief kunnen blijven bewegen? En wat is daarvoor nodig vanuit onderzoek, zorg, beleid en de samenleving? Professor Thomas Hoogeboom, hoogleraar Fysiotherapiewetenschappen en initiatiefnemer van het nieuwe Societal Impact Platform Utrecht Mobility & Health, ziet volop kansen voor samenwerking. Tijdens Utrecht Science Week wordt het platform officieel gelanceerd.

Interview met UtrechtInc: zo helpt de startupincubator ondernemers op weg
Van een goed idee naar een startup: dat gaat niet vanzelf. UtrechtInc ondersteunt studenten, onderzoekers en ondernemers uit de regio Utrecht bij de eerste stappen van hun startup. Met validatieprogramma’s, persoonlijke begeleiding en een netwerk van experts en investeerders helpt de incubator beginnende ondernemers om hun ideeën verder te ontwikkelen.

Het nieuwe sportseizoen bij Olympos is begonnen
De vakantie is voorbij en het sportseizoen is weer begonnen! Met volle agenda’s en strakke deadlines is het verleidelijk om maar door te werken. Voor je het weet, zit je uren achter je scherm of in het lab zonder echt pauze te nemen. Juist als het druk is, kan bewegen helpen om even te ontspannen, nieuwe energie en inspiratie op te doen.

Opening Utrecht Science Week met keynote door Juliette Legler over de verborgen invloed van milieuchemicaliën
Op vrijdag 25 september barst het jaarlijkse wetenschapsfestival ‘Utrecht Science Week’ weer los op het Utrecht Science Park. We zijn verheugd aan te kondigen dat dit jaar Prof. dr. ir. Juliette Legler de Utrecht Science Lezing zal verzorgen. Juliette Legler is hoogleraar Toxicologie aan de Universiteit Utrecht bij Diergeneeskunde en geeft leiding aan de ‘One Health Toxicology’ groep van het Institute for Risk Assessment Sciences (IRAS).