Twee Utrechtse onderzoekers ontvangen hoogste Nederlandse wetenschapsprijzen

Utrechtse onderzoekers Ingrid Robeyns en Thijn Brummelkamp zijn bekroond met respectievelijk de Stevin- en Spinozapremie voor hun baanbrekende werk op het gebied van maatschappelijke ongelijkheid en genetisch onderzoek.
Twee vooraanstaande Utrechtse onderzoekers zijn dit jaar onderscheiden met de hoogste onderscheidingen binnen de Nederlandse wetenschap: de Spinoza- en Stevinpremies. Beide prijzen, ook wel de ‘Nederlandse Nobelprijzen’ genoemd, worden toegekend aan onderzoekers die uitmuntend en baanbrekend werk leveren. Iedere winnaar ontvangt 1,5 miljoen euro voor verder onderzoek en het benutten van hun kennis.
Hoogleraar en filosoof Ingrid Robeyns van de Universiteit Utrecht ontvangt de Stevinpremie. Zij is bekend om haar onderzoek naar ongelijkheid en de maatschappelijke impact van extreme rijkdom. Robeyns pleit voor een bovengrens aan persoonlijke rijkdom en ontwikkelt beleidsvoorstellen die bijdragen aan het terugdringen van ongelijkheid en het versterken van democratische instituties. Haar werk biedt concrete oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken en wordt breed gewaardeerd, onder andere door het Sociaal en Cultureel Planbureau. Robeyns benadrukt dat de prijs extra betekenis heeft omdat de impact van filosofisch onderzoek vaak lastig tastbaar te maken is: “Mijn bijdragen liggen op het niveau van ideeën en concepten die helpen de samenleving beter te begrijpen en in te richten.”
De Spinozapremie gaat dit jaar naar hoogleraar experimentele genetica Thijn Brummelkamp, tevens wetenschappelijk directeur van het Nederlands Kanker Instituut. Hij krijgt de prijs voor zijn innovatieve genetische onderzoek, waarmee hij de tactieken van ziekteverwekkers weet te ontrafelen. Met zelf ontwikkelde technieken kunnen onderzoekers wereldwijd nu de werking van genen in menselijk DNA beter bestuderen, wat cruciaal is voor de ontwikkeling van nieuwe medicijnen tegen kanker en infectieziekten. Brummelkamp benadrukt zijn brede aanpak: “Ik focus bewust niet op één pad, maar juist op onderzoek waarmee ik in allerlei richtingen ontdekkingen kan doen die mens en wetenschap nieuwe inzichten bieden.”
De NWO-onderscheidingen onderstrepen het belang van fundamenteel en maatschappelijk relevant onderzoek. Terwijl de Spinozapremies zich richten op baanbrekende wetenschappelijke ontdekkingen, leggen de Stevinpremies de nadruk op kennisbenutting met directe maatschappelijke impact.
Bronnen: RTV Utrecht, Universiteit Utrecht

Waterdialoog: duik in de toekomst van ons water
Water raakt alles: van onze gezondheid en natuur tot de inrichting van onze steden en economie. Maar hoe zorgen we ervoor dat ons watersysteem ook in de toekomst bestand is tegen klimaatverandering en andere uitdagingen?

Talkshow “De Nieuwe Utrechtse Arts” tijdens de Utrecht Science Week: hoe ziet de arts van de toekomst eruit?
Hoe ziet de arts van de toekomst eruit? Veranderende inzichten in de zorg, technologische ontwikkelingen zoals AI en nieuwe verwachtingen van patiënten vragen om een vernieuwde geneeskundeopleiding. Daarom vernieuwt het UMC Utrecht het geneeskundecurriculum onder de naam De Nieuwe Utrechtse Arts.

Olympisch kampioen Maarten van der Weijden zwemt nog één keer, nu voor het Máxima
Maarten van der Weijden trekt nog één keer zijn zwempak aan voor kankeronderzoek. Van 17 tot en met 22 augustus zwemt hij maar liefst 270 kilometer langs 22 steden, met het Prinses Máxima Centrum als eindbestemming. Met deze bijzondere tocht haalt hij via zijn stichting geld op voor vooruitstrevend onderzoek naar de directe en late gevolgen van kinderkanker.

Opening Utrecht Science Week met keynote door Juliette Legler over de verborgen invloed van milieuchemicaliën
Op vrijdag 25 september barst het jaarlijkse wetenschapsfestival ‘Utrecht Science Week’ weer los op het Utrecht Science Park. We zijn verheugd aan te kondigen dat dit jaar Prof. dr. ir. Juliette Legler de Utrecht Science Lezing zal verzorgen. Juliette Legler is hoogleraar Toxicologie aan de Universiteit Utrecht bij Diergeneeskunde en geeft leiding aan de ‘One Health Toxicology’ groep van het Institute for Risk Assessment Sciences (IRAS).