Biologiestudenten vinden in één dag meer dan 500 verschillende soorten op het Utrecht Science Park

Datum:
ijsvogel-oude-hortus1-credit-daniel-liefhebber

Maar liefst 1081 soorten zijn er dit jaar al gevonden op het Utrecht Science Park tijdens de Biodiversity Challenge, een landelijke actie waarbij vijftig onderwijsinstellingen de biodiversiteit op en rond hun campussen onderzoeken. Utrechtse biologiestudenten wisten zelfs minstens 573 soorten te “scoren” op één dag.

Meer dan 300 eerstejaars bachelorstudenten Biologie leverden op 12 mei een belangrijke bijdrage aan de Biodiversity Challenge. Tijdens de zogenaamde “BioBlitz” verspreidden ze zich over de campus om planten, dieren en schimmels in kaart te brengen. Weten wat er allemaal leeft is belangrijk, want biodiversiteit vormt de basis van een gezonde leefomgeving: het zorgt voor bestuiving, vruchtbare bodems, schoon water, verkoeling en een campus waar mens én natuur zich thuis voelen.

“Voor veel studenten is dit eerstejaarsvak hun eerste kennismaking met ecologie. Het is dus heel belangrijk om ze hiermee te laten zien hoe leuk en belangrijk ecologie is,” vertelt Utrechtse ecoloog en medeorganisator Jonas Lembrechts. “En cruciaal daarbij is om buiten te komen, want een ecoloog moet voeling hebben met het ecosysteem. In de BioBlitz gebruiken de studenten een methodologie die we echt gebruiken. Bovendien past de data bij een beheersvraagstuk uit de echte wereld: hoe kunnen we de biodiversiteit op het Utrecht Science Park versterken?”

Waadpakken en vlindernetjes

Om al die soorten goed vast te leggen, gebruikten de studenten de ObsIdentify-app op hun telefoon. Ze hoefden alleen een foto te maken van het organisme dat ze tegenkwamen. De app hielp vervolgens met de herkenning en de waarneming kon meteen worden geüpload.

De eerstejaars studenten werden in groepen verdeeld. Elke groep kreeg een speciale soortengroep of habitat toegewezen om extra goed te onderzoeken. Zo werden planten, dieren en schimmels die niet makkelijk zichtbaar waren of alleen in speciale leefgebieden voorkwamen ook in kaart gebracht: met waadpakken, emmertjes en netten onderzochten de studenten de sloten, ze bekeken slootwatermonsters onder de microscoop, ze vingen vliegende insecten met vlindernetjes, ze zochten met loepjes naar beestjes op boomschors en ook bodemdiertjes namen ze onder de loep.

Bijzondere plekken

Tegelijkertijd werden de groepen strategisch verdeeld over de hele campus. Zo werden niet alleen de meer bekende delen van de campus onderzocht, maar ook de verder weg gelegen akkers en groenstroken die bij de campus horen. Tijdens de Bioblitz kregen de eerstejaars biologiestudenten bovendien toegang tot bijzondere plekken op de campus waar je normaal niet zomaar mag komen, zoals de Fortvijver van de Botanische tuinen of de Tolakker.

Ringslang in de Botanische Tuinen

Die aanpak bleek succesvol: samen brachten de studenten een groot deel van de campus én veel verschillende soortengroepen in kaart. In totaal werden op 12 mei 573 soorten waargenomen, verspreid over planten, vogels en andere soortgroepen. Daaronder werden maar liefst 25 soorten muggen en vliegen gevonden, verschillende vissoorten in de watergangen, en als bijzondere vondst: een ringslang in de Botanische Tuinen. Nog eens een kleine 500 soorten wachten nog op goedkeuring door de moderatoren, waardoor het totaal aantal soorten zelfs boven de 1000 zou kunnen liggen.

Variatie in het landschap

In totaal werden er dit jaar dus al wel al meer dan 1000 geverifieerde soorten gevonden op het Utrecht Science Park. Is dat eigenlijk veel?

“Dat is zeker niet slecht”, geeft Lembrechts aan. “Dit toont de variatie in het landschap op Utrecht Science Park. De groene verbindingswegen, de lokale natuurgebiedjes zoals De Driehoek, en de stukken ecologische landbouw op De Tolakker dragen hier zeker toe bij. Maar anderzijds is het ook misschien gemakkelijker dan je zou denken om met z’n allen tot die soortenaantallen te komen. Je zou er van versteld staan hoeveel soorten ons landje rijk is. Er zijn mensen die er zelfs in slagen om in een enkele tuin aan 1000 soorten te geraken.”

Doe mee!

Deze dag maakte deel uit van de landelijke Biodiversity Challenge, die loopt van 1 mei tot 1 juli. En er valt nog genoeg te ontdekken:(nog) lang niet alle soorten op de campus zijn waargenomen. Ben je medewerker of student? Draag bij door je eigen waarnemingen op de universiteitscampus door te geven via de ObsIdentify-app of sluit aan bij een van de activiteiten. Zo help je mee om de Nederlandse biodiversiteit beter in beeld te brengen en die van de campus in het bijzonder.

Tips

Jonas Lembrechts heeft wat tips over hoe je nieuwe soorten kunt ontdekken: “Hoewel we daar al wel extra ons best op gedaan hebben, is er echt nog heel veel in te ontdekken bij de minder ‘fotogenieke’ soortengroepen. We hebben echt nog maar het tipje van de sluier opgelicht van wat er in onze bodems zit, bijvoorbeeld, en ook bij korstmossen en klein insectengrut zal er nog veel ontbreken. Dus scharrel een beetje tussen de afgevallen bladeren en in de bovenste bodemlaag, je zou er versteld van staan hoeveel daar nog te vinden is. Verder zou ik zeker de bermen goed in de gaten houden. Daar verwacht ik qua beheer de grootste verbeteringen, omdat je die snel ecologischer krijgt door minder te maaien en meer soorten in te zaaien. Vorige week hadden we zo in een berm wel meer dan twintig plantensoorten op een vierkante meter!”