NWO Roadmap Grant voor nieuw nationaal röntgenonderzoekscentrum

De Universiteit Utrecht krijgt een eigen röntgenmicroscopielab voor duurzaam materiaalonderzoek, onderdeel van een nieuw landelijk röntgencentrum met drie hubs.
De Universiteit Utrecht krijgt een eigen röntgenmicroscopielab voor onderzoek aan duurzame materialen. De faciliteit wordt onderdeel van een nieuw landelijk röntgencentrum dat met 15,8 miljoen euro van NWO van start gaat, onder leiding van de Rijksuniversiteit Groningen. Vanuit Utrecht trekken Bert Weckhuysen en Florian Meirer van het Instituut voor Duurzame en Circulaire Chemie de ontwikkeling van dit lab.
Hun onderzoeksgroep gebruikt röntgenstraling om chemische processen in detail te volgen. Met die aanpak willen de onderzoekers stabiele en efficiënte materialen, zoals katalysatoren, ontwerpen die nodig zijn voor de materialen- en energietransities.
“Tot nu toe deden we dit soort metingen vooral bij grote synchrotrons, zowel in Europa als in de Verenigde Staten,” zegt Weckhuysen. “Nu halen we die technologie naar het lab. Zo kunnen we ook langdurige experimenten uitvoeren, bijvoorbeeld om de stabiliteit van katalysatoren onder echte reactiecondities te testen.”
Van synchrotron naar lab
De Utrechtse faciliteit komt te staan in het EMSquare in het David de Wiedgebouw en wordt geïntegreerd in de bestaande analytische infrastructuur. De onderzoekers kunnen op die manier verschillende imagingtechnieken combineren om materialen nog beter te begrijpen.
“Het is prachtig dat we zulke geavanceerde röntgenmicroscopie nu in Utrecht zelf kunnen doen,” aldus Weckhuysen. “En we stellen de infrastructuur natuurlijk niet alleen open voor ons eigen onderzoeksinstituut, maar ook voor onderzoekers uit het hele land.” Florian Meirer voegt hieraan toe: “We willen hierbij ook kijken naar materialen vanuit de levenswetenschappen, alsook kunsthistorische objecten.”
Het nieuwe virtuele röntgencentrum krijgt drie universitaire hubs: in Groningen, Utrecht en Eindhoven. Samen bieden ze onderzoekers uit binnen- en buitenland toegang tot unieke meetfaciliteiten, training en kennisdeling. De subsidie komt uit het Large-Scale Research Infrastructure-programma (LSRI) van NWO.

Utrecht Science Week: Boudewijn Visscher over de toekomst van wasbaar incontinentiemateriaal
In Nederland ontstaat jaarlijks ongeveer 85 miljoen kilo afval uit incontinentiemateriaal. Wasbare alternatieven kunnen deze afvalstroom verminderen, maar de overstap naar wasbaar materiaal is in de zorg nog niet vanzelfsprekend. Wat houdt die overstap tegen, en wat is nodig om wasbaar incontinentiemateriaal op grotere schaal toe te passen?

Utrecht Science Week: René van Westen over een kouder Nederland in een warmere wereld
De aarde warmt op, maar toch kan Nederland in de toekomst te maken krijgen met veel koudere winters. Dat klinkt tegenstrijdig. De verklaring ligt in de Atlantische Oceaancirculatie, een groot systeem van oceaanstromingen dat warmte en zout door de Atlantische Oceaan transporteert. Deze circulatie speelt een belangrijke rol in het milde klimaat dat we in Nederland gewend zijn.

Utrecht Science Week: Diergeneeskunde van de toekomst vraagt om nieuwe vormen van samenwerken
De diergeneeskunde verandert in hoog tempo. Nieuwe technologie en AI doen hun intrede, vraagstukken rond diergezondheid en dierenwelzijn worden complexer en de arbeidsmarkt staat onder druk. Tegelijkertijd groeit de behoefte aan professionals die niet alleen beschikken over actuele vakkennis, maar zich gedurende hun hele loopbaan kunnen blijven ontwikkelen en samenwerken over disciplines heen.

Opening Utrecht Science Week met keynote door Juliette Legler over de verborgen invloed van milieuchemicaliën
Op vrijdag 25 september barst het jaarlijkse wetenschapsfestival ‘Utrecht Science Week’ weer los op het Utrecht Science Park. We zijn verheugd aan te kondigen dat dit jaar Prof. dr. ir. Juliette Legler de Utrecht Science Lezing zal verzorgen. Juliette Legler is hoogleraar Toxicologie aan de Universiteit Utrecht bij Diergeneeskunde en geeft leiding aan de ‘One Health Toxicology’ groep van het Institute for Risk Assessment Sciences (IRAS).