Mogelijke nieuwe behandeling rhabdoïde hersentumoren

Onderzoekers van het Prinses Máxima Centrum hebben ontdekt dat het bestaande kankermedicijn gemcitabine veelbelovend is voor de behandeling van de agressieve kindertumor ATRT, met hoopgevende resultaten in laboratoriumonderzoek en muismodellen.
Onderzoekers van het Prinses Máxima Centrum hebben een mogelijke nieuwe behandeling voor atypische teratoïde rhabdoïde tumoren in de hersenen gevonden. Labonderzoek met nieuwe onderzoeksmodellen is veelbelovend. Het laat zien dat het medicijn gemcitabine de tumorcellen doodt. Dr. Dennis Metselaar zegt hierover: ‘Gemcitabine is al een goedgekeurd medicijn voor andere vormen van kanker. De eerste voorbereidingen voor een mogelijke klinische studie zijn gestart.’
In Nederland krijgen ongeveer drie kinderen per jaar een atypische teratoïde rhabdoïde tumor (ATRT). Een ATRT komt meestal voor in de hersenen. Op dit moment geneest een klein deel van deze kinderen door een operatie, intensieve chemotherapie en een hoge dosis bestraling. Om de kans op genezing te verhogen is onderzoek naar betere behandelingen dan ook van groot belang.
Tumorceldood
Dr. Dennis Metselaar, postdoctoraal onderzoeker in de Hulleman-groep, en zijn collega’s onderzochten in het laboratorium het effect van het medicijn gemcitabine op ATRT cellen. Ze deden dat nadat meer dan 140 medicijnen op verschillende vormen van kinder-hersentumoren waren getest. Hieruit kwam naar voren dat ATRT, in tegenstelling tot de andere hersentumor varianten, zeer gevoelig is voor gemcitabine. De sonic hedgehog (SHH) variant was het meest gevoelig voor het medicijn. Dit is de vorm die bij de meeste kinderen voorkomt en het meest agressief is.
De onderzoekers ontwikkelden nieuwe modellen om dit onderzoek uit te voeren: muismodellen en tumorcelkweken. Ze gebruikten hiervoor de tumorcellen van een kind dat in het verleden voor ATRT is behandeld. Grootschalige testen met tumorcelkweken toonden aan dat gemcitabine het meest effectief was voor ATRT. Vervolgens valideerden ze het effect van het medicijn op volledige tumoren in muizen. Hieruit bleek dat na behandeling de muizen gemiddeld meer dan 30% langer leefden, ook in vergelijking met bestaande therapie. Daarbij bleven twee behandelde dieren zelfs de gehele onderzoeksperiode in leven.
Metselaar: ‘Het onderzoek is in een vroege fase, maar deze resultaten zijn hoopvol. Het is voor het eerst dat we bij ATRT zien dat muizen significant langer leven door één enkel medicijn met minimale bijwerkingen.’
De resultaten van dit onderzoek zijn vandaag gedeeld met de wetenschappelijke wereld in Cell Reports Medicine. Ook heeft de Hulleman-groep de nieuwe onderzoeksmodellen, tumorcelkweken en muismodellen toegankelijk gemaakt voor andere onderzoekers. Het onderzoek is gefinancierd door KiKa.
Moleculair niveau
Om de precieze werking van het medicijn te verklaren, onderzochten Metselaar en zijn collega’s de ATRT-cellen op moleculair niveau. ‘We zagen dat gemcitabine het SIRT1-eiwit in de cel vermindert. Hierdoor nemen twee andere eiwitten toe: NF-kB en p53. In tegenstelling tot veel andere (hersen)tumoren zijn deze eiwitten in ATRT vrijwel nooit gemuteerd, maar enkel onderdrukt. Zij zorgen er vervolgens voor dat de tumorcellen doodgaan. Door de rechtstreekse koppeling met SIRT1, en de specifieke invloed van gemcitabine op dit eiwit, denken we dat dit medicijn zo goed werkt.’
Volgende stappen
Het laboratoriumonderzoek toont aan dat ATRT zeer gevoelig is voor behandeling met gemcitabine. Dr. Esther Hulleman, onderzoekgroepsleider en hoofdonderzoeker: ‘Deze resultaten tonen aan dat dit medicijn mogelijk in combinatie met andere medicijnen deel uit kan gaan maken van de behandeling van ATRT. De vertaling naar een klinische studie is een volgende stap. Omdat gemcitabine al goedgekeurd is voor de behandeling van kanker bij kinderen, zou dit versneld moeten kunnen. Dan wordt ook duidelijk of wat wij in het lab zien er ook daadwerkelijk voor zorgt dat meer kinderen met deze vorm van kanker genezen.’
Bron: Prinses Máxima Centrum

Inschrijving Utrecht Science Week 2026 geopend: het kennisfestival op het Utrecht Science Park
Van vrijdag 25 september tot en met zondag 4 oktober is de zesde editie van de Utrecht Science Week en zet het Utrecht Science Park de deuren wijd open voor iedereen die geïnteresseerd is in (toegepaste) wetenschap en innovatie op het gebied van life sciences, health en duurzaamheid. De eerste programmaonderdelen zijn bekend en de inschrijving is open! Komende weken volgen nog meer programmaonderdelen.

Succesvolle eerste editie van Utrecht Life Sciences TechConnect
Op 4 juni 2026 kwamen onderzoekers, technologie-specialisten, faciliteitsmedewerkers en innovatiepartners uit de Utrecht Life Sciences-community samen op het Utrecht Science Park voor de eerste editie van Utrecht Life Sciences TechConnect. Dit nieuwe jaarlijkse evenement is opgezet om de verbinding tussen onderzoekers en technologische faciliteiten te versterken, geavanceerde onderzoekstechnologieën te laten zien en samenwerking over disciplines heen te stimuleren.

Nieuw steunhart voor het eerst geïmplanteerd in Europa
Een patiënt met vergevorderd hartfalen kreeg begin deze maand in het UMC Utrecht als eerste in Europa een BrioVAD-steunhart geïmplanteerd. Het nieuwe systeem wordt onderzocht in een Europese studie en kan mogelijk voordelen bieden ten opzichte van het bestaande steunhart. Voor het UMC Utrecht is de implantatie een nieuwe mijlpaal in een lange geschiedenis van innovatie op het gebied van de mechanische ondersteuning van de bloedsomloop.

Opening Utrecht Science Week met keynote door Juliette Legler over de verborgen invloed van milieuchemicaliën
Op vrijdag 25 september barst het jaarlijkse wetenschapsfestival ‘Utrecht Science Week’ weer los op het Utrecht Science Park. We zijn verheugd aan te kondigen dat dit jaar Prof. dr. ir. Juliette Legler de Utrecht Science Lezing zal verzorgen. Juliette Legler is hoogleraar Toxicologie aan de Universiteit Utrecht bij Diergeneeskunde en geeft leiding aan de ‘One Health Toxicology’ groep van het Institute for Risk Assessment Sciences (IRAS).